pivoteren
Betekenis
werkwoord
- (ov) op een steunpunt in het midden ronddraaienHet paneel werd gepivoteerd.
- draaien met één voet aan de grond
Etymologie
*afgeleid van het Franse pivoter () [https://fr.wiktionary.org/wiki/pivoter Wiktionnaire]
Vertalingen
Engelspivot, pivot
Franspivoter, pirouetter
Duitssich um die eigene Achse drehen, sich drehen, pivotieren
Spaanspivotar, pivotar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek