pleistoceen

onzijdig (het)/ˌplɛistoˈsen/

Wat is de betekenis van pleistoceen?

pleistoceen betekent: (geologie) geologisch tijdperk waarin de mensachtigen zich ontwikkelen, eerste tijdvak van het periode quartair, van 2.588.000 tot 11.700 jaar geleden

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geologie (geologie) geologisch tijdperk waarin de mensachtigen zich ontwikkelen, eerste tijdvak van het periode quartair, van 2.588.000 tot 11.700 jaar geleden

Voorbeelden van "pleistoceen" in een zin

  • In de voorlaatste ijstijd van het pleistoceen baanden uit Scandinavië afkomstige lobben landijs zich een weg door Overijssel.

Etymologie

*van "Pleistocene", naam voorgesteld in 1833 door de Britse geoloog C. Lyell; afgeleid van πλεῖστος (pleĩstos) "meeste" en καινός (kainós) "nieuw", dus: "meeste nieuw (leven)", omdat het overgrote deel van de fossielen uit deze periode van tegenwoordige soorten afkomstig is;[https://books.google.nl/books?id=YngeAQAAIAAJ&lpg=RA1-PA92&ots=FhOhXRq5C4&dq=%22On%20the%20Silurian%20and%20Cambrian%20Systems%2C%20Exhibiting%20the%20Order%20in%20which%20the%20Older%20Sedimentary%20Strata%20Succeed%20each%20other%20in%20England%20and%20Wales%22&hl=nl&pg=RA2-PA48#v=onepage&q=paleocene&f=false "The Geologic Time Classification of the United States Geological Survey Compared with Other Classifications" (1925) US Department of the Interior, Washington]; p. 48 e.v.; geraadpleegd 2016-02-02

Vertalingen

EngelsPleistocene
FransPléistocène
SpaansPleistoceno