plezier

onzijdig (het)/pləˈzir/

Wat is de betekenis van plezier?

plezier betekent: een staat van genoegen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een staat van genoegen
  2. iets wat genoegen schept

Voorbeelden van "plezier" in een zin

  • Hij ondervond veel plezier daarvan.
  • Ik dacht eerst dat ik tijdens dit experiment niet veel plezier zou hebben en misschien zelfs door de hikers zou worden genegeerd.
  • Hij deed haar daarmee een pleziertje.
  • Het was gemakkelijk om de Engelsen te haten, ten slotte zo gemakkelijk dat het een plezier was ze te doden.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘genoegen’ voor het eerst aangetroffen in 1574

Vertalingen

Engelsfun, pleasure
Spaansplacer