Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

plusdochter

vrouwelijk (de)/ˈplʏzdɔxtər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. familie (familie) vrouwelijk kind van een partner uit een eerdere relatie
    Ze trok zich terug uit de tv-wereld om voltijds moeder te worden. “Ik ben graag thuis met alle kinderen samen, ook mijn plusdochter Helena.

Etymologie

*, (eufemisme) voor stiefdochter