pony
mannelijk (de)/ˈpɔni/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (onevenhoevigen) (paardrijden) paard uit een ras met een schofthoogte tot ongeveer anderhalve meterKinderen willen vaak graag een pony hebben.
- haardracht waarbij het haar op het voorhoofd naar voren wordt gekamd en even boven de wenkbrauwen is afgeknipt
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘paardje’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847
Vertalingen
Engelspony
Fransponey
DuitsPony
Spaansponi
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek