pousseren

/puˈserə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) vooruithelpen
    U speelt het spel van het Front National, roepen critici verontwaardigd, en ze beschuldigen genoemden ervan stiekem extreemrechts gedachtengoed te pousseren.
  2. ov (ov) nadrukkelijk als aantrekkelijke mogelijkheid onder de aandacht brengen
    De luchtmachtlobby, in 2002 nog druk in de weer om de JSF als een superieur toestel te pousseren, zwijgt thans stil.

Etymologie

*van "pousser"