praal

mannelijk/vrouwelijk (de)/'pral/

Wat is de betekenis van praal?

praal betekent: opzichtige schoonheid

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. opzichtige schoonheid

Voorbeelden van "praal" in een zin

  • De praal van de feestjes van Paris Hilton is steeds een beetje overdreven.

Etymologie

* In de betekenis van ‘pracht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1573