presbyopie

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) toenemende verzwakking van het accommodatievermogen van de ogen bij het klimmen van de jaren

Etymologie

*afgeleid van het Griekse 'presbus' (de oudste, oude man)

Vertalingen

Spaanspresbicia, vista cansada