procedure

mannelijk/vrouwelijk (de)/prosəˈdyrə/, /proseˈdyrə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. werkwijze, methodiek
    In principe wordt deze procedure gehanteerd voor alle geschillen naar aanleiding van de overeenkomst.
  2. een reeks instructies in een bepaalde volgorde
    De procedure voor het opzetten van het experiment.
  3. juridisch (juridisch) gerechtelijk proces
    Een civiele procedure aanspannen.
    Advocaat Van Tilborg wist zich duidelijk geen raad met deze constatering en zei dat deze zaak in een andere procedure tot de bodem moet worden uitgezocht.
  4. informatica (informatica) onafhankelijk opererend programmablok met een eigen naam en code binnen een groter computerprogramma
    In TP kunnen zoals gezegd zelf procedures en functies worden bijgemaakt, zoals het gebruik van subroutines in BASIC.

Etymologie

Van het Franse procédure. In de betekenis van ‘procesvoering’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1494 , in die van ‘actie’ voor het eerst in het jaar 1537

Vertalingen

Engelsprocedure, procedure
Fransprocédure, procédure
DuitsProzedur, Prozedur
Spaansprocedimiento, enjuiciamiento, procedimiento
Italiaansprocedura, procedura
Poolspocedura, pocedura
Zweedsprocedur, procedur