proces

onzijdig (het)/proˈsɛs/

Wat is de betekenis van proces?

proces betekent: (juridisch) een geschil dat twee of meer partijen hebben over hun rechten en dat zij aan de uitspraak van een rechter onderwerpen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) een geschil dat twee of meer partijen hebben over hun rechten en dat zij aan de uitspraak van een rechter onderwerpen
  2. de stroom van gelijksoortige gebeurtenissen of handelingen die van de ene toestand naar de andere leidt

Voorbeelden van "proces" in een zin

  • Een proces heropenen.
  • De waarheidscommissie die nu was begonnen zou niet alleen onschuldige slachtoffers van de politieke processen van een kwade tijd vrijspreken. Ze zou ook schurken brandmerken en niet alleen Tsjecho-Slowaakse schurken.
  • Het verloop van het proces vertoont telkens weer grote gelijkenis.
  • Hoewel ik als vader niet veel had kunnen doen, aangezien ze dit proces vooral met haar vriendinnen verwerkte, voelde ik me toch schuldig dat ik er niet voor haar was op dit indrukwekkende moment in haar jonge leven.

Etymologie

* Middelnederlands proces (m) ‘beloop, relaas, rechtsgeding’, leenwoord uit Oudfrans procès ‘rechtsgeding; voortgang, verloop, gang van zaken’, ontleend aan Latijn prōcessus ‘voortgang; rechtsgeding’, gesubstantiveerd voltooid deelwoord van prōcēdere ‘voortgaan, naar voren gaan’.

Vertalingen

Engelsprocess
Fransprocès, processus
DuitsRechtssache, Prozeß, Prozess
Spaansproceso, proceso, desarrollo
Portugeesprocesso