productie

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) voortbrenging, gewoonlijk langs biochemische weg
    Overmatige productie van maagsappen kan tot slokdarmproblemen leiden.
  2. economie (economie) de vervaardiging van goederen
    De productie van hoogwaardige materialen was sterk toegenomen.
  3. media (media) een film, documentaire, serie, show etc. die vertoonbaar gemaakt is
    Deze filmmaatschappij kwam dit jaar met vier verschillende producties op de markt.
    Mijn achtste productie in dertien jaar, dat is niet veel, ik had ongetwijfeld harder moeten werken, sneller, effectiever moeten zijn. {{Aut|Harstad, Johan

Etymologie

*afgeleid van product

Vertalingen

Engelsproduction
Fransproduction
DuitsProduktion
Spaansfabricación, producción