proeftijd

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een periode waarin men iets of iemand kan uitproberen
    Na een proeftijd van een maand krijgt hij een vaste baan.
  2. juridisch (juridisch) een periode waarin men bij het plegen van een strafbaar feit de voorwaardelijke straf alsnog krijg opgelegd
    Hij kreeg een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden met een proeftijd van 2 jaar.

Vertalingen

Engelsprobation
Franspériode d'essai
DuitsProbezeit
Spaansperíodo de prueba