propeller

mannelijk (de)/proˈpɛlər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. luchtvaart, techniek (luchtvaart), (techniek) schroef om vliegtuigen of vaartuigen voort te stuwen, luchtschroef

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘schroef voor het voortdrijven van vaartuigen’ voor het eerst aangetroffen in 1846

Vertalingen

Engelspropeller
Spaanshélice
Deenspropeller