prutsen
/ˈprʏtsə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) een vak zonder voldoende kennis of vaardigheid uitoefenen, onhandig bezig zijn, knoeien, broddelen
- (inerg)knutselen
Etymologie
* In de betekenis van ‘knutselen’ voor het eerst aangetroffen in 1896
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek