ravitaillering

vrouwelijk (de)/ravitɑˈjerɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het ravitailleren, het bevoorraden of bevoorraad-worden
  2. bevoorradingspost

Etymologie

* van ravitailleren

Vertalingen

Engelscatering
Spaansabastecimiento, avituallamiento