rij
mannelijk/vrouwelijk (de)/rɛi/
Wat is de betekenis van rij?
rij betekent: geordende opstelling van een aantal eenheden in één richting
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- geordende opstelling van een aantal eenheden in één richting
- (wiskunde) een opeenvolging van elementen
- metalen liniaal (al dan niet met schaalverdeling)
Voorbeelden van "rij" in een zin
- We stonden drie uur in de rij voor we de tentoonstelling binnen mochten.
- Mensen stonden in de rij om Rufïna te kunnen zien, ze wilden weten of het echt een grap was.
- Dolgelukkig sloot ik achter aan in de rij.
Etymologie
* In de betekenis van ‘reeks’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1343
Uitdrukkingen
- In de rij staan — Met zijn allen op iets staan te wachten (fig.; gezamenlijk dezelfde belangstelling voor iets of iemand hebben)
- Ze niet allemaal/alle vijf op een rijtje hebben — Niet helemaal goed bij zijn verstand zijn (variant op [[vijfUitdrukkingen en gezegden|ze niet alle vijf [bij elkaar] hebben]])
Vertalingen
Engelsrow, sequence
DuitsReihe, Reihe
Italiaanssuccessione
Russischочередь
Poolsszereg, rząd, ciąg
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek