ringvinger
mannelijk (de)/ˈrɪŋvɪŋər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (anatomie) vierde vinger gerekend vanaf de duim, gelegen tussen de pink en de middelvinger, traditioneel bestemd voor het dragen van ringen
Etymologie
*, omdat deze vinger traditioneel gebruikt wordt voor het dragen van zegel- of trouwring
Vertalingen
Engelsring finger
Fransannulaire
DuitsRingfinger
Spaansdedo anular, anular
Italiaansanulare
Portugeesdedo anular, anular
Japans薬指
Koreaans약지
Turksyüzük parmak
Poolspalec serdeczny
Deensringfinger
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek