rood-wit-blauw

onzijdig (het)/ˈrotwɪdˌblɑu/

Wat is de betekenis van rood-wit-blauw?

rood-wit-blauw betekent: patroon, vlag, tenue of ander voorwerp met zowel rode, witte als blauwe vlakken

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. patroon, vlag, tenue of ander voorwerp met zowel rode, witte als blauwe vlakken
  2. pregnant (pregnant) de Nederlandse vlag
  3. sport (sport) (wielrennen) shirt voor de wielerkampioen van Nederland
  4. figuurlijk (figuurlijk) Nederlandse trots of chauvinisme

Voorbeelden van "rood-wit-blauw" in een zin

  • Jansen verkoopt behalve carbid ook de bussen waarmee je kunt knallen: niet de originele melkbussen, maar omgebouwde gasflessen die hij in rood-wit-blauw heeft geschilderd.
  • Op 4 juli 1976 werd het hele Empire State Building in rood-wit-blauw verlicht. Niet om de Bicentennial (200 jaar onafhankelijkheid van de VS) te vieren, maar ter ere van de verjaardag van zijn vrouw, zei Helmsley.
  • Het rood-wit-blauw wappert wél voor prinses Máxima en niet voor prins Bernhard.
  • Als de Fransen in november 1813 worden verjaagd, wil Nederland weer zaken doen met de Oranjes. Op veel plaatsen worden effen oranje vlaggen uitgestoken. Maar ook het horizontale rood-wit-blauw komt van zolder.
  • Door de foute timing ontbreekt het de strijd om het rood-wit-blauw aan animositeit.

Etymologie

#(figuurlijk) van Nederland of betrekking hebbend op Nederland