ruimschoots
ˈrœymsxots
Wat is de betekenis van ruimschoots?
ruimschoots betekent: op meer dan voldoende wijze
Betekenis
bijwoord
- op meer dan voldoende wijze
- een koers zeilen waarbij de wind schuin vanachteren staat
bijvoeglijk naamwoord
- meer dan voldoende
- een koers zeilend waarbij de wind schuin vanachteren staat
Voorbeelden van "ruimschoots" in een zin
- Hij voldeed ruimschoots aan alle eisen.
- We zeilden ruimschoots, dus met een bakstagswind.
- De opbrengst van de inzameling betekende een ruimschootse bijdrage tot de leniging van de nood.
- We zeilden veel ruimschootse koersen.
Etymologie
In de betekenis van ‘rijkelijk’ voor het eerst aangetroffen in 1787
Vertalingen
Duitsreichlich
Engelsamply, abundantly
Fransamplement, largement, abondamment
Spaanslargamente
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek