samenloopt

Wat is de betekenis van samenloopt?

samenloopt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van samenlopen

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van samenlopen
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van samenlopen

Voorbeelden van "samenloopt" in een zin

  • ... dat jij samenloopt.
  • ... dat hij samenloopt.