sandwichen
/ˈsɛntwɪtʃə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) zo combineren met andere zaken, dat het geheel gemakkelijker wordt aanvaard of uitgevoerdOmdat kinderen sneller zijn afgeleid, vind je in beide media ook veel luchtige berichten. Dieren doen het goed: de opening van een ijssalon voor honden, een papegaai die vijftig wordt. ‘Sandwichen’ is het devies: naast de jarige papegaai staat een verhaal over het staatsbezoek van Donald Trump aan Saudi-Arabië.Het sandwichen waarbij een minder goed bekeken programma tussen twee toppers wordt geplaatst is iets waar wij nu pas aan denken.
- (ov) klem zetten tussen twee andere zakenDe eerste Reform Bill van 1832 was vooral een succesvolle manoeuvre om door het uitbannen van misstanden de aristocratische suprematie intact te laten. De tweede van 1867 was een (niet geheel geslaagde) poging van de conservatieve leider Disraeli om de middle-class te sandwichen tussen adel en volk onder het mom van Tory Democracy.
- (ov) (seksualiteit) (bij een vrouw, door twee personen) tegelijkertijd in de vagina en anus penetrerenEn dus huurt Joe een tolk in, zodat ze zich kan laten sandwichen door twee Afrikanen, en meldt ze zich bij K, een sadist die haar afranselt tot haar billen ervan bloeden.
- (inerg) op straat lopen met twee protest- of reclameborden die door een verbinding over beide schouders voor en achter het lichaam worden gedragenTerwijl zijn vrienden en zijn vrouw buiten in de Spuistraat met vergunning van de politie (zonder het verkeer te storen, niet debatterend) staan te sandwichen. zit Roel Wuite naast, mij in het donker. Buiten op de borden: „Africa Addio is racisme"; „Africa Addio uit de roulatie" en „Met Africa Addio terug naar de Hitlertijd".
Etymologie
*afgeleid van "sandwich" , leenvertaling van "sandwich": als beeldspraak waarbij het object wordt opgevat als het beleg dat door plakjes brood beter hanteerbaar wordt
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek