schapenstal
mannelijk (de)/ˈsxapə(n)ˌstɑl/
Wat is de betekenis van schapenstal?
schapenstal betekent: (landbouw) (bouwkunde) verblijf voor schapen die als kleinvee worden gehouden
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (landbouw) (bouwkunde) verblijf voor schapen die als kleinvee worden gehouden
Voorbeelden van "schapenstal" in een zin
- Die heidevelden werden kortgehouden door schapen, die ’s nachts op stal stonden. De schapenstallen werden bedekt met heideplaggen, die met de schapenpoep een vruchtbaar mestmengsel vormden voor op de akkers.
- Echt lamsvlees, dat wil zeggen vlees van lammeren die niet ouder zijn dan pakweg acht, negen maanden, is juist erg mager en ruikt in de verste verte niet naar schapenstal.
Vertalingen
Engelssheepcote
Fransbergerie
DuitsSchafstall
Spaansredil, aprisco
Italiaansovile, pecorile
Portugeesredil, aprisco
Poolsowczarnia
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek