scharrelen

/ˈsxɑrələ(n)/

Wat is de betekenis van scharrelen?

scharrelen betekent: (inerg) losse verkering hebben

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) losse verkering hebben
  2. inerg (inerg) telkens wat anders ter hand nemen
  3. inerg (inerg) op ongeregelde wijze kleinhandel drijven in
  4. inerg (inerg) (van hoenders) heen en weer lopen en intussen in de grond wroeten
  5. erga (erga) onzekere of moeilijke wijze voortbewegend ergens heen gaan
  6. inerg (inerg) onzeker, moeilijk of doelloos bewegen
  7. ov (ov) bij elkaar ~ door vlijtig zoeken vergaren

Voorbeelden van "scharrelen" in een zin

  • Zij hadden wat gescharreld met elkaar.
  • Er werd op die markt wat gescharreld in oude rommel, maar veel stelde het niet voor.
  • Er werd druk gescharreld door de kippen.
  • Zoals ik naar binnen was gescharreld, scharrelde ik ook weer naar buiten.
  • Hij had wat over straat gescharreld, maar ging uit verveling weer naar huis.

Etymologie

*(freqtt) scharren

Vertalingen

Engelscourt, flirt
Duitsscharren
Spaanscortejar, flirtear, galantear