schepsel

onzijdig (het)/ˈsxɛpsəl/

Wat is de betekenis van schepsel?

schepsel betekent: creatuur; iets dat gemaakt is

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. creatuur; iets dat gemaakt is

Voorbeelden van "schepsel" in een zin

  • een schepsel gods

Betekenis en uitleg van schepsel

Een schepsel is een levend wezen, vaak gebruikt om zowel mensen als dieren of andere creaties aan te duiden. Het woord roept een gevoel op van iets dat door een of andere kracht of natuur is voortgebracht.

Schepsel wordt vaak gebruikt in een poëtische of literaire context, waarbij het de uniciteit of kwetsbaarheid van een levend wezen benadrukt. Je kunt het woord gebruiken om een breed scala aan wezens of creaties te beschrijven, van de meest eenvoudige organismen tot fantasiewezens in verhalen. Het kan ook een zekere tederheid of bescherming uitdrukken, afhankelijk van de context.

Voorbeelden

  • De oude man vertelde verhalen over een geheimzinnig schepsel dat in de bossen woonde.
  • Het wetenschappelijke artikel beschreef een nieuw schepsel dat onlangs in de diepzee was ontdekt.
  • In de fabels worden vaak schepsels afgebeeld die menselijke eigenschappen hebben, zoals wijsheid of domheid.

Woordoorsprong

Het woord schepsel komt van het werkwoord 'scheppen', wat betekent 'tot stand brengen' of 'creëren'. Het verwijst dus naar iets dat is gemaakt of voortgebracht.

Veelgestelde vragen over schepsel

Wat is de betekenis van schepsel?

schepsel betekent: creatuur; iets dat gemaakt is

Welk woordgeslacht heeft schepsel?

schepsel is een onzijdig (het).

Wat zijn synoniemen van schepsel?

Synoniemen van schepsel zijn: creatuur.

Hoe gebruik je schepsel in een zin?

Voorbeeld: “een schepsel gods

Etymologie

* van scheppen

Vertalingen

Engelscreature
Franscréature
DuitsGeschöpf
Spaanscriatura
Russischтворение
Poolsstworzenie, stwór