schoolweek

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. deel van de week dat een leerling naar school gaat
    Meteen de eerste schoolweek was het raak - bijna tenminste.
    De onderwijsbond publiceerde begin dit jaar een enquête onder ruim tienduizend leden waaruit naar voren kwam dat het lerarentekort scholen ontregelt. Voor de klas staan nu steeds vaker leraren zonder de benodigde bevoegdheden. Klassen worden samengevoegd, kinderen naar huis gestuurd en "wanhopige scholen" in Zaanstad voeren een vierdaagse schoolweek in, aldus de AOb.

Vertalingen

Engelsschool week