Schoon

/sxon/

Betekenis

voegwoord
  1. verouderd (verouderd) hoewel, ofschoon
    Jantje zag eens pruimen hangen,O! als eieren zo groot.'t Scheen, dat Jantje wou gaan plukken,Schoon zijn vader 't hem verbood.

Etymologie

#net, proper, rein, milieuvriendelijk (vooral in Nederland)

Uitdrukkingen

  • De kans schoon zienDe goede gelegenheid om een bepaald doel te bereiken aangrijpen
  • De schone taak hebben omIets belangrijks voor elkaar moeten zien te krijgen
  • Er schoon genoeg van hebbenHet beu, zat zijn

Vertalingen

Engelsbeautiful, handsome, lovely
Spaansbonito, bello, hermoso
Poolsładny, czysty