schoonfamilie
vrouwelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van schoonfamilie?
schoonfamilie betekent: (familie) de familieleden van iemands huwelijkspartner
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (familie) de familieleden van iemands huwelijkspartner
Voorbeelden van "schoonfamilie" in een zin
- Zelfs zijn flauwste moppen veroorzaakten onmiddellijk lachsalvo's, terwijl het bij mijn schoonfamilie altijd net een seconde te lang stil blijft als ik een grapje maak.
- Er is de afgelopen weken veel gespeculeerd, maar over één ding waren de aanklager en de verdediging het eens: Patterson heeft haar schoonfamilie bij een lunch giftige paddenstoelen voorgeschoteld.
Etymologie
*afgeleid van familie
Vertalingen
Engelsin-laws
Fransbelle-famille
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek