schuit

mannelijk/vrouwelijk (de)/sxœyt/

Wat is de betekenis van schuit?

schuit betekent: (scheepvaart) een eenvoudig open vrachtvaartuig zonder dek, opbouw of aandrijving

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheepvaart (scheepvaart) een eenvoudig open vrachtvaartuig zonder dek, opbouw of aandrijving
  2. textielindustrie (textielindustrie) bij het weven gebruikte houder met het klosje garen
  3. schertsend (schertsend) een grote schoen

Voorbeelden van "schuit" in een zin

  • Het schuitje lag vlak bij de haven in het water te dobberen.
  • Wat een schuiten heb je toch!

Etymologie

* In de betekenis van ‘vaartuig’ voor het eerst aangetroffen in 1163

Uitdrukkingen

  • in hetzelfde schuitje zittenin dezelfde moeilijkheden zitten

Vertalingen

Fransscute
DuitsBoot, Kahn, Schute
Spaansbarco sin cubierta, bote
Russischлодка, чёлн, челнок
Poolsłódź, łódka