sirih

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plantkunde (plantkunde) plant uit de familie van de peperachtigen die vooral bekend is door het gebruik van het betelkauwen

Etymologie

* Leenwoord uit het Indonesisch, in de betekenis van ‘blad van plant waarop men kauwt’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1596

Vertalingen

Spaansbetel, buyo, nuez de areca