Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

slangenboor

mannelijk (de)/ˈslɑŋə(n)ˌbor/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gereedschap (gereedschap) om zijn as ronddraaiend werktuig om gaten mee te maken, waarbij het vrijkomende materiaal via een uitstekende schroefrand wordt afgevoerd
    De centerboor is. evenals de slangenboor, bedoeld voor het boren van grotere diameters, die onbereikbaar zijn voor de gewone spiraalboren.
    De ijzeren slangenboor had aan het boveneinde een oog, waardoor een houten pin was gestoken. Hiermede werd de boor gedraaid.

Etymologie

*, omdat de grote spiraal aan de buitenkant doet denken aan een slang die zich om een stok wentelt