slijtage

vrouwelijk (de)/slɛiˈtaʒə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. schade die door langdurig gebruik geleidelijk aangericht wordt
    De slecht gebalanceerde wielen veroorzaakten grote slijtage aan de banden.

Etymologie

* van slijten

Vertalingen

Engelswear
DuitsAbnutzung, Erosion, Verschleiß