slijk
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- mengsel van aarde, vuil en waterVarkens spelen graag in het slijk.
Etymologie
* In de betekenis van ‘modder’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Uitdrukkingen
- Het slijk der aarde — geld
- Iemand/Iemands naam door het slijk halen — Iemands reputatie (zwaar) beschadigen, iemand een slechte naam bezorgen
- Zich in het slijk wentelen — Genieten van iets pervers
Vertalingen
Engelsmud
Fransboue
DuitsSchlamm
Spaansfango, barro, lodo
Italiaansfango
Portugeeslama
Deensslam
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek