snappen
/'snɑpə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) vatten in de zin van begrijpen, doorhebbenIk snap er niets van.Pas als je ook een goede conditie hebt en snapt hoe de zee en stromingen werken, is het echt veilig."
- (ov) iemand vatten terwijl die met iets ongeoorloofds bezig is, betrappenDe dief werd gesnapt.
- (verouderd) babbelen, kletsenDe jonge meisjes stonden te snappen en tusschen beide zacht te gigchelen, maar zij deden het stilletjes in een hoek, en met de hand voor den mond
Etymologie
* In de betekenis van ‘babbelen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1437
Vertalingen
Engelsget it
Franspiger, capturer
Duitskapieren
Spaanstañar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek