snoeien

/ˈsnujə(n)/

Wat is de betekenis van snoeien?

snoeien betekent: (ov) (van planten) terugbrengen op gewenste lengte

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) (van planten) terugbrengen op gewenste lengte
  2. informeel (informeel) uitermate, heel erg (snoei- als eerste deel van samengestelde bijvoeglijke naamwoorden)
  3. ov (ov) onderzoeken op de aanwezigheid van zaken waar je belang in stelt
  4. ov, verouderd (ov) (verouderd) gretig opeten vanwege de smaak

Voorbeelden van "snoeien" in een zin

  • Hij was de haag aan het snoeien om ervoor te zorgen dat hij niet over de weg zou gaan groeien.

Betekenis en uitleg van snoeien

Snoeien betekent het knippen of afknippen van takken en bladeren van planten en bomen om hun groei te bevorderen en ze gezond te houden. Het is een belangrijke tuinierpraktijk die helpt om de vorm en de bloei van de planten te verbeteren.

Je gebruikt het woord 'snoeien' vaak in de context van tuinieren of landschapszorg. Het kan zowel betrekking hebben op het onderhoud van hagen en bomen als op het verjongen van vaste planten. Snoeien kan ook een symbolische betekenis hebben, bijvoorbeeld in het kader van 'snoeien van overbodige zaken' in je leven.

Voorbeelden

  • In het voorjaar is het tijd om de rozen te snoeien voor een betere bloei.
  • De boom in de achtertuin had dringend snoeiwerk nodig om te voorkomen dat takken op het huis vielen.
  • Tijdens de herfst snoeien veel mensen hun hagen om ze in goede vorm te houden voor de winter.

Woordoorsprong

Het woord 'snoeien' komt van het Middelnederlandse 'snoeien', wat 'knippen' of 'afsnijden' betekent. Het is verwant aan het werkwoord 'snijden'.

Veelgestelde vragen over snoeien

Wat is de betekenis van snoeien?

snoeien betekent: (ov) (van planten) terugbrengen op gewenste lengte

Hoeveel betekenissen heeft snoeien?

snoeien heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Wat zijn synoniemen van snoeien?

Synoniemen van snoeien zijn: rondsnuffelen, snoepen.

Hoe gebruik je snoeien in een zin?

Voorbeeld: “Hij was de haag aan het snoeien om ervoor te zorgen dat hij niet over de weg zou gaan groeien.

Etymologie

**[3], [4] misschien verwant met "snaaien"

Vertalingen

Engelscut back, prune
Franstailler, couper, élaguer
Duitsstutzen
Spaansrecortar, podar