woorden
boek
Start
›
S
›
soepkom
soepkom
mannelijk (de)
/ˈsupkɔm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
huishouden
(huishouden) kom waaruit vooral soep wordt gegeten
Verwante woorden
soep
soepbal
soepballen
soepballetje
soepballetjes
soepbedeling
soepbedelingen
soepbeen
soepbenen
soepblikken
soepblokje
soepblokjes
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← soepkokerijen
soepkommen →