soldatentijd

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de periode die men dient als eenvoudig militair
    Hij sprak niet graag over zijn soldatentijd, hoewel hij niet klaagde en vaak zei dat hij tijdens zijn hele diensttijd geen enkele keer geslagen was.
    Vijf jaar nadat ze waren afgezwaaid, spraken ze over hun diensttijd als ”de mooiste tijd van hun leven” en naarmate ze ouder werden kreeg hun soldatentijd meer glans. Het nare wachtlopen tijdens de nachtelijke uren, de weken op bivak in de bittere koude in de strenge winters die we vroeger kenden, waren inmiddels weggefilterd uit het geheugen. Wie niet in dienst was geweest, had echt iets gemist!