sparringpartner

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) oefenpartner voor boksers, judoka's enz
  2. iemand om mee te overleggen, om ideeën, standpunten op uit te proberen, om mee te oefenen voor een debat

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘oefenpartner (bij boksen)’ voor het eerst aangetroffen in 1948