sparringpartner
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (sport) oefenpartner voor boksers, judoka's enz
- iemand om mee te overleggen, om ideeën, standpunten op uit te proberen, om mee te oefenen voor een debat
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘oefenpartner (bij boksen)’ voor het eerst aangetroffen in 1948
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek