sparen

/ˈsparə(n)/

Wat is de betekenis van sparen?

sparen betekent: (ov) geld niet uitgeven

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) geld niet uitgeven
  2. ov (ov) iets verzamelen
  3. ontzien, niet straffen of geweld aandoen

Voorbeelden van "sparen" in een zin

  • Ik ben aan het sparen voor een nieuwe motor.
  • Hij had jaren gespaard om de PCT te kunnen lopen en – ook al miste hij zijn dochter – niks kon hem tegenhouden om Canada te bereiken.
  • Na een jaar lang plannen, lezen, onderzoeken, sparen en trainen ging mijn avontuur eindelijk beginnen, hoewel ik eigenlijk geen idee had waar ik aan begon.
  • Spaar jij postzegels?
  • Bij die ramp bleef weinig gespaard.

Betekenis en uitleg van sparen

Sparen is het proces waarbij je geld of middelen opzijzet voor toekomstig gebruik. Het kan gaan om kleine bedragen die je regelmatig opzij legt of om grotere sommen die je voor een specifiek doel bij elkaar brengt.

Je gebruikt het woord 'sparen' vaak als je het hebt over het opbouwen van een financiële buffer of het reserveren van geld voor een grote aankoop, zoals een huis of vakantie. Sparen kan ook betrekking hebben op tijd of energie, bijvoorbeeld wanneer je vooruit plant om later minder stress te ervaren. Het is een belangrijke vaardigheid voor financiële gezondheid en toekomstplanning.

Voorbeelden

  • Ik ben begonnen met sparen voor een nieuwe auto, zodat ik niet alles in één keer hoef te betalen.
  • Door elke maand een klein bedrag te sparen, kan ik volgend jaar eindelijk op vakantie gaan.
  • Sparen is essentieel als je financiële onafhankelijkheid wilt bereiken.

Woordoorsprong

Het woord 'sparen' komt van het Oudnederlands en is verwant aan het Duitse 'sparen', wat ook 'opzijleggen' betekent.

Veelgestelde vragen over sparen

Wat is de betekenis van sparen?

sparen betekent: (ov) geld niet uitgeven

Hoeveel betekenissen heeft sparen?

sparen heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Wat zijn synoniemen van sparen?

Synoniemen van sparen zijn: opsparen, potten, verzamelen, collectioneren, ontzien.

Hoe gebruik je sparen in een zin?

Voorbeeld: “Ik ben aan het sparen voor een nieuwe motor.

Etymologie

* In de betekenis van ‘bewaren’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Uitdrukkingen

  • De kool en de geit sparenEen oplossing vinden waar beide partijen tevreden mee kunnen zijn
  • Je kan niet de kool en de geit sparenje moet keuzes maken
  • Lang vasten is geen brood sparen
  • het eten uit de mond sparenjezelf iets belangrijks ontzeggen om het aan iets of iemand anders te kunnen geven

Vertalingen

Engelssave, put aside, collect
Franscapitaliser, économiser, épargner
Duitssparen
Spaansahorrar, economizar, escatimar
Italiaansrisparmiare
Russischэкономить
Poolsoszczędzać, zbierać