speed
mannelijk (de)/spiːt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (informeel) (scheikunde) drug met een stimulerende werking meestal amfetamine
- snelheid
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘drugs’ voor het eerst aangetroffen in 1970
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek