speller

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die tijdens het schrijven de spellingsregels al of niet correct hanteert
    We eindigen altijd met twee wedstrijddicteetjes volgens het stramien van ‘Petje op, petje af’. De beste speller wordt de gelukkige bezitter van een heuse HU-paraplu. NRC Gerard Sweep [https://www.nrc.nl/nieuws/2012/10/04/waarom-komen-studenten-niet-naar-college-12510289-a872714 Waarom komen studenten niet naar college?]
    Het groot kinderdictee der Nederlandse taal: Vanaf 9 jaar. Zestig kinderen uit groep 8 maken uit wie de beste speller is. Schrijver Jacques Vriens schreef dit jaar het dictee. Hij schreef onder andere de boeken Meester Jaap en Achste-groepers huilen niet. NRC 10 december 2011 [https://www.nrc.nl/nieuws/2011/12/10/kidsflits-12127883-a398593 Kidsflits]
    De tussen-n krijgt van de witte spellers dezelfde behandeling als de tussen-s in het Groene Boekje. De Bruyn: „De tussen-s wordt al tien jaar vrij gelaten, en dat gaat goed. De meeste mensen hebben een prima taalgevoel, waardoor ze geen rare varianten als ‘aandelekoers’ zullen schrijven.” NRC 12 juli 2006 [https://www.nrc.nl/nieuws/2006/07/12/tussen-n-aan-de-speller-overlaten-11160794-a733794 ‘Tussen-n aan de speller overlaten’]

Etymologie

* van spellen