spoor
Wat is de betekenis van spoor?
spoor betekent: (spoorwegen) twee met elkaar verbonden ijzeren staven waarover een trein of tram rijdt
Betekenis
- (spoorwegen) twee met elkaar verbonden ijzeren staven waarover een trein of tram rijdt
- (spoorwegen) spoorwegmaatschappij
- vooraf gemaakte doorgang door een verder ongebaand terrein (ook fig.)
- afdruk; teken dat iemand ergens is of is geweest
- (techniek) deel van een magneetband waarop de informatie van één kanaal is vastgelegd
- (techniek) afstand tussen twee op dezelfde as staande wielen
- (f) (m) (biologie) voortplantingsorgaan bij schimmels en bacteriën, spore
- (f) (m) hol uitsteeksel aan de voet van een kelkblad, kroonblad of vergroeide kroon
- (f) (m) metalen punt of getand wieltje aan de hiel van de rijlaars
- (f) (m) doornachtige uitsteeksel aan de poten van mannelijke, hoenderachtige vogels
- (figuurlijk) een zeer kleine hoeveelheid van iets, of een vage aanwijzing dat ergens sprake van is
Voorbeelden van "spoor" in een zin
- Het is een mooie dag om met het spoor naar Zandvoort te gaan.
- Ik was blij dat ik ook mijn ijsbijl bij me had waarmee ik me, indien nodig, kon zekeren en een nieuw spoor door de sneeuw kon maken.
- In de sneeuw waren de sporen te zien van enige konijnen.
- Wanneer ik beneden kom, is er nog steeds geen spoor van Gijs.
- Het zal u zijn opgevallen dat het hotel hier en daar sporen vertoont van achterstallig onderhoud. We hebben nu eenmaal niet zoveel gasten meer als vroeger. Ook daaraan wil meneer Wang iets doen. Hij streeft naar een volle bezetting.
Betekenis en uitleg van spoor
Het woord 'spoor' verwijst naar een pad of een lijn die vaak door voertuigen, zoals treinen, wordt gevolgd. Het kan ook slaan op een teken of een aanwijzing die iemand achterlaat, zoals voetafdrukken in de sneeuw.
Je gebruikt 'spoor' vaak in de context van transport, zoals bij het spoorwegnetwerk. Daarnaast kan het ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld als je iemand probeert te volgen of iets probeert te achterhalen aan de hand van aanwijzingen. Het woord draagt een nuance van richting en voortgang, wat het veelzijdig maakt in verschillende situaties.
Voorbeelden
- De trein kwam precies op tijd aan op het spoor dat naar Amsterdam leidde.
- Tijdens onze wandeling in het bos volgden we het spoor van een hert dat net was gepasseerd.
- De detective vond een spoor van aanwijzingen die leidden naar de oplossing van de zaak.
Woordoorsprong
Het woord 'spoor' heeft zijn oorsprong in het Oudnederlands en is verwant aan het Duitse 'Spur', wat ook 'afdruk' of 'teken' betekent.
Veelgestelde vragen over spoor
Wat is de betekenis van spoor?
spoor betekent: (spoorwegen) twee met elkaar verbonden ijzeren staven waarover een trein of tram rijdt
Hoeveel betekenissen heeft spoor?
spoor heeft 11 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft spoor?
spoor is een onzijdig (het).
Hoe gebruik je spoor in een zin?
Voorbeeld: “Het is een mooie dag om met het spoor naar Zandvoort te gaan.”
Etymologie
* In de betekenis van ‘prikkel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1080
Uitdrukkingen
- Het spoor bijster zijn — De weg niet meer weten
- Iemand op het goede spoor zetten — Goede raad geven
- Iets op het spoor zijn — Iets dat men zoekt bijna gevonden hebben
- In het rechte spoor houden — Ervoor zorgen dat iemand geen verkeerde dingen doet
- Zijn sporen verdiend hebben — Zijn bekwaamheid bewezen hebben