sportdocent

mannelijk (de)/'spɔrdosɛnt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onderwijs, beroep (onderwijs) (beroep) professional die lesgeeft in sport en bewegen aan kinderen of jongeren, zowel op scholen (als gymdocent of leraar lichamelijke opvoeding) als daarbuiten (bijvoorbeeld als trainer of buurtsportcoach)