sproeien
/ˈsprujə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) een vloestof in fijne druppeltjes op iets spuitenIk heb de rozen even gesproeid.
Etymologie
* In de betekenis van ‘in fijne stralen uitstorten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1657
Vertalingen
Engelsspray
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek