staathuishoudkunde
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de leer van de financiële huishouding van een landelijke overheid; de leer betreffende het bestieren van een land
- de wetenschap die zich bezighoudt met de keuzes die mensen maken bij de productie, distributie en consumptie van goederen en diensten
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek