staatsschuld

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. economie (economie) geldschuld van de staat
    de Nederlandse staatsschuld bedroeg in april 2013 450 miljard euro. De schuld liep sinds het begin van de kredietcrisis in augustus 2008 op met 190 miljard euro. [http://www.nu.nl/economie/3404551/nederlanders-schatten-staatsschuld-laag-in.html www.nu.nl]
    Kelderende beurskoersen, waarschuwingen voor een recessie, boze miljardairs en een dippende bitcoin: niets of niemand leek Trump bij zinnen te kunnen brengen. Totdat ook de markt voor de Amerikaanse staatsschuld begon te schuiven.[https://www.nrc.nl/nieuws/2025/04/10/trump-moet-bakzeil-halen-in-zijn-handelsoorlog-nu-eerste-beleggers-hun-vertrouwen-in-de-amerikaanse-kredietwaardigheid-verliezen-a4889430 www.nrc.nl (10 apr 2025)]

Vertalingen

Fransdette publique
Spaansdeuda pública