stad
mannelijk/vrouwelijk (de)/stɑt/
Wat is de betekenis van stad?
stad betekent: plaats waar zeer veel mensen wonen en een groot aantal voorzieningen zijn
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- plaats waar zeer veel mensen wonen en een groot aantal voorzieningen zijn
- plaats met stadsrecht
Voorbeelden van "stad" in een zin
- Ze waren begonnen met het vermoorden van burgers door niet alleen Berlijn maar ook andere Duitse steden te bombarderen.
- De stad is voor inademen en de natuur is om uit te ademen.
- Myra is een stadje in Lycië, aan de zuidkust van Turkije. Daar hebben twee bisschoppen gewoond die Nicolaas heetten. De eerste leefde in het begin van de vierde eeuw en de geleerden zijn het nog steeds niet met elkaar eens of over hem iets met zekerheid kan worden gezegd.
Etymologie
*Van het Middelnederlandse stat.
Uitdrukkingen
- Het kan beter van de stad dan van het dorp — Stoett-2151 [https://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_2243.phpv2151 www.dbnl.org]
Vertalingen
Engelscity
Franscommune, ville, cité
DuitsGemeinde, Stadt
Spaansciudad, pueblo
Italiaanscittà
Portugeesvila, aldeia, povoado
Russischгород
Chinees城
Japans街, 町, まち
Koreaans읍
Arabischمدينة, قَرْيَةٌ
Turksilçe, kasaba, kent
Poolsmiasto
Zweedsstad, tätort
Deensby
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek