stak
/stɑk/
Wat is de betekenis van stak?
stak betekent: enkelvoud verleden tijd van steken
Betekenis
werkwoord
- enkelvoud verleden tijd van steken
Voorbeelden van "stak" in een zin
- Ik stak.
- Jij stak.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
stak betekent: enkelvoud verleden tijd van steken