stamper
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (ook (huishouden)) instrument waarmee men iets fijnstampt
- in het bijzonder in samenhang met het gebruik van een vijzel -> vijzelstamper
- (biologie) zich in het midden van de bloem bevindend vrouwelijk orgaan, dat bestaat uit vruchtbeginsel, stijl en stempel
- iemand die stampt
- (muziek) sterk ritmische melodie -> discostamper, soulstamper
- (militair) laadstok van een ouderwets vuurwapen
- (Zuidnederlands) snoepgoed op een stokje (lekstok, lolly)
Etymologie
*afgeleid van stampen
Vertalingen
Engelspestle
Franspilon
DuitsStößel
Spaansmaza, pilón, pistilo
Portugeespilão
Zweedsmortelstöt
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek