stamper

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. huishouden (ook (huishouden)) instrument waarmee men iets fijnstampt
  2. in het bijzonder in samenhang met het gebruik van een vijzel -> vijzelstamper
  3. biologie (biologie) zich in het midden van de bloem bevindend vrouwelijk orgaan, dat bestaat uit vruchtbeginsel, stijl en stempel
  4. iemand die stampt
  5. muziek (muziek) sterk ritmische melodie -> discostamper, soulstamper
  6. militair (militair) laadstok van een ouderwets vuurwapen
  7. (Zuidnederlands) snoepgoed op een stokje (lekstok, lolly)

Etymologie

*afgeleid van stampen

Vertalingen

Engelspestle
Franspilon
DuitsStößel
Spaansmaza, pilón, pistilo
Portugeespilão
Zweedsmortelstöt