stembuiging

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de manier waarop iemand een bepaalde tekst uitspreekt
    „Het is nodig voor een Voorganger om geen stembuiging aan te nemen om daardoor nederigheid te vertonen voor het volk, en uit den grond van geveinsdheid ook niet langzamer of niet haastiger te willen spreken boven of tegen de gewoonlijke spreekmanier. Reformatorisch Dagblad Ds. J. Schipper 14-08-2002 [https://www.rd.nl/boeken/jan-vader-een-onwaardig-dienaar-uit-meliskerke-1.1310214 Jan Vader, een onwaardig dienaar uit Meliskerke]
    Onderzoeksleider Faisal Mohammad Amin liet een professor twee keer opdraven in dezelfde video. In de eerste versie ging hij gekleed in een witte doktersjas, stethoscoop om de hals, en vertelde hij een zeemansverhaal. In de tweede versie was hij gekleed als de Kerstman en vertelde hij hetzelfde verhaal, met precies dezelfde stembuigingen en gelaatsuitdrukkingen als de eerste keer. De Standaard 26/12/2013 hvde [http://www.standaard.be/cnt/dmf20131225_021 Kerstman wekt evenveel vertrouwen als arts]

Vertalingen

Engelstone of voice, intonation, inflection