stipt
stɪpt
Wat is de betekenis van stipt?
stipt betekent: precies op tijd komend
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- precies op tijd komend
- nauwgezet.
bijwoord
- met grote precisie
werkwoord
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stippen
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stippen
- gebiedende wijs meervoud van stippen
Voorbeelden van "stipt" in een zin
- Het is vreemd dat hij er niet is, want hij is altijd zo stipt.
- Stipte naleving hiervan is vereist.
- Deze aanwijzingen moeten stipt opgevolgd worden voor het beste resultaat.
- Op de dag dat de vergunningen verstrekt werden zat ik stipt om middernacht klaar met drie computers binnen handbereik om er zeker van te zijn een startbewijs te bemachtigen.
- Jij stipt.
Etymologie
In de betekenis van ‘nauwgezet’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1704
Vertalingen
Duitspünktlich
Engelsprompt
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek